De roep om de legalisering en regulering van drugs weerklinkt als de sirenenzang van een naïeve utopie, verleidelijk in zijn eenvoud, maar dodelijk in zijn gevolgen. In een opiniestuk betoogde Joost Bonte gisteren dat regulering een oplossing biedt voor criminaliteit, volksgezondheid en economische uitdagingen. Die redenering houdt geen steek.
Normalisering leidt onvermijdelijk tot meer consumptie. Door de ‘goedkeuring’ van de overheid krijgen jongeren het idee dat drugsgebruik maatschappelijk aanvaard is. De realiteit is dat de schadelijke gevolgen alleen maar toenemen. Het legaliseringsdebat is dan ook niet meer dan een gedachte-experiment, een intellectueel curiosum zonder realiteitswaarde. Waar legalisering wordt geprobeerd, draait de zwarte markt als een tierelier, wordt de georganiseerde misdaad sterker en stijgt het gebruik.
Bovendien, welk model kiezen we? De vrije markt zoals in Colorado, waar commerciële cannabisbedrijven als paddenstoelen uit de grond schieten en tabaksgiganten de markt overnemen? Of een overheidsmonopolie zoals in Canada, waar legale cannabis vanzelfsprekend duurder is dan de illegale en nauwelijks een derde van de gebruikers exclusief bij legale verkooppunten koopt? De zwarte markt wint altijd.
De belastingopbrengsten van gereguleerde drugs kunnen nooit opwegen tegen de kolossale kosten van gezondheidszorg, verslavingszorg en handhaving. Buitenlandse experimenten tonen aan dat een sector reguleren die nu door criminelen wordt beheerst, vooral een bodemloze financiële put creëert. En dan zwijgen we nog over het immorele aspect van die redenering.
Het permissieve beleid van de jaren 70 transformeerde Nederland in de wietschuur van Europa, een broeinest voor cannabismiljonairs die via de voordeur legaal verkochten en via de achterdeur illegaal bleven handelen. Vandaag is Nederland een narcostaat waar journalisten en advocaten in koelen bloede worden geëxecuteerd.
In plaats van toe te geven aan de fata morgana van regulering moeten we investeren in preventie, handhaving en zorg. Een meedogenloze aanpak van de drugscriminaliteit en een robuust sociaal beleid vormen de enige structurele oplossing. De war on drugs is geen verloren strijd, behalve voor wie de moed opgeeft.
(Verschenen op 5 februari in De Standaard)