Oudjaar: lekker rellen in de grootsteden

Een ferme hand en een warm hart, dat is wat we nodig hebben

Blijven we toekijken bij de grootstedelijke rellen tijdens oudjaar, of durven we in te grijpen, vraagt Mathieu Cockhuyt zich af.

Een vuurzee, een golf van vernielingen en een kat-en-muisspel met de politie. Oudejaarsnacht lijkt steeds vaker een slagveld in plaats van een feest. Terwijl men elders champagne ontkurkt, worden in en rond onze grootsteden auto’s omgedoopt tot brandstapels en hulpverleners begroet met molotovcocktails. Niets meer of minder dan een aanval op de staat.

Een significant deel van de daders is jong, komt uit kwetsbare wijken en heeft een migratieachtergrond. Dat is geen excuus, maar een harde realiteit die vraagt om een stevige en gerichte aanpak. Jarenlang werd ons een multiculturele utopie voorgehouden zonder oog voor de spanningen die sluimeren. Het gevolg? Tribalisme en een cultuur van straatgeweld die steeds dieper wortel schiet.

Ouderschap is geen privézaak

De analyse is helder, de aanpak moet meersporig zijn. Repressie en preventie vormen een Siamese tweeling. Nultolerantie moet duidelijk maken dat wie de ruiten van de eigen toekomst ingooit, daar de gevolgen van draagt. Boetes, huisarrest, gemeenschapsdienst en verplichte herstelbetalingen maken duidelijk dat hufterig gedrag niet wordt getolereerd.

Repressie is evenwel maar één kant van de medaille. De afwezigheid van ouders is het probleem dat niemand durft te benoemen. Ouderschap is niet louter een privézaak. Het gezin is de hoeksteen van de samenleving. Het biedt een kompas, en waar dat kompas ontbreekt, blijven jongeren stuurloos ronddobberen in een oceaan van nihilisme. Als die jongeren ontsporen, moeten we durven in te grijpen en moeten we de moed hebben om kinderen te beschermen tegen een onveilige thuisomgeving.

Want als de fundamenten van huis en haard ontbreken, vullen destructieve subculturen dat vacuüm. Die jongeren wordt met de paplepel ingegeven dat er geen uitzicht is op een gedeelde toekomst, omdat structureel racisme toch elk vooruitzicht blokkeert. Dat discours van slachtofferschap biedt geen brug naar de toekomst, het is alleen maar een rechtvaardiging voor stilstand. Jongeren zoeken dan maar status in jeugd­bendes, waar de taal van luxeartikelen en roekeloosheid domineert.

Kibbelende matrozen

In onze hoofdstad zien we de ramp­zalige gevolgen van laissez-aller en bestuurlijke versnippering. Brussel, een zinkend schip bestuurd door kibbelende matrozen, doet denken aan het New York van de jaren 70: een stad vol potentieel, maar gevangen in de eigen schaduw. Met een stevig beleid dat grenzen stelt, een einde maakt aan massamigratie en onze politiediensten duidelijke richtlijnen geeft over hoe zij zich mogen verdedigen tegen die onruststokers, kunnen we Brussel uit het slop trekken.

Onderwijs speelt daarin een sleutelrol. Niet door te kiezen voor pret­pedagogie of thuistaal, maar door jongeren te inspireren met hoge verwachtingen en duidelijke regels. Rolmodellen en successen moeten bewijzen dat inzet en respect de sleutels tot vooruitgang zijn. Het succes van enkelen kan velen inspireren.

De jaarlijks terugkerende nachtmerrie van oudejaarsnacht is geen natuurwet. We staan voor een keuze: blijven we toekijken terwijl delen van onze samenleving verder afglijden, of durven we in te grijpen? Met een ferme hand en een warm hart kunnen we opnieuw richting geven aan de grootstedelijke realiteit. Laat oudjaar niet het moment zijn waarop we bang achter onze ramen schuilen, maar waarop we samen het glas heffen op een gedeelde toekomst.

(Verschenen in De Standaard op 3/01/2024)

Gepubliceerd door Mathieu Cockhuyt

Mathieu Cockhuyt (1993) behaalde een bachelor in de sociale wetenschappen en een master in de criminologie. Hij studeert bestuurskunde en publiek management aan de UGent en is werkzaam als parlementair medewerker van Valerie Van Peel (N-VA), jongerenvoorzitter van N-VA Gent en columnist.

Plaats een reactie